„Ons systeem is gebaseerd op vertrouwen“
Wat maakt Deense bedrijven zo succesvol? Meer inspraak, platte hiërarchieën en echte flexibiliteit. Een gesprek met econoom prof. Torben M. Andersen.

Professor Andersen, er wordt veel gesproken over de ‘bijzondere’ Deense bedrijfscultuur. Waarom lijken Denen zo tevreden met hun werkgevers?
Andersen: Enerzijds omdat wij Denen ons overal prettig willen voelen - niet alleen privé, maar ook op het werk. Men zegt dat wij een volk zijn dat van ‘hygge’ houdt, van gezelligheid. Tegelijkertijd betekent dat niet dat we niet hard werken - integendeel. Veel Denen hebben een zeer sterk arbeidsethos.

Waar komt dat vandaan?
Medewerkers krijgen binnen bedrijven veel vrijheid - en dragen tegelijkertijd veel verantwoordelijkheid. Iedereen wordt aangemoedigd om zelfstandig beslissingen te nemen en verwacht ook dat hij of zij door het management wordt gehoord bij ideeën, heronderhandelingen of persoonlijke feedback. Deze cultuur van luisteren en communiceren is al meer dan honderd jaar diep verankerd in de Deense bedrijfscultuur. Ze beïnvloedt ook de regels en structuren van de arbeidsmarkt.

„Sinds het begin van de 20e eeuw hebben werkgeversorganisaties en vakbonden een kader uitgewerkt dat zowel flexibiliteit als zekerheid op de werkplek mogelijk maakt.”

Prof. Torben M. Andersen
Prof. Torben M. Andersen
Economisch expert in Aarhus

Bevordert deze openheid innovatie?
Ja – vooral op kleine schaal. Regelmatig zegt iemand in de productie: ‘Zo is het inefficiënt, dat kan beter.’ Zulke signalen gaan niet verloren. Platte hiërarchieën zijn in Denemarken geen marketingkreet: gezamenlijke lunches met de CEO, een gevoel voor het hele bedrijf en niet alleen voor de eigen afdeling - dat alles verlaagt drempels en stimuleert innovatie.

Deense bedrijven zijn sterk exportgericht en moeten daardoor snel reageren op marktveranderingen. In hoeverre beïnvloedt dat de personeelsdynamiek?
In Denemarken heeft men hiervoor een oplossing gevonden in het zogeheten flexicurity-model. Dat bestaat uit drie pijlers: een flexibele arbeidsmarkt, een uitgebreid sociaal zekerheidsstelsel en een sterke inzet op levenslang leren. Deze geïntegreerde strategie stelt bedrijven in staat hun personeelsbestand aan te passen aan marktdynamiek, zonder de stabiliteit en ontwikkelingskansen van medewerkers in gevaar te brengen.

Hoe werkt deze dynamiek zonder dat medewerkers bang hoeven te zijn hun baan te verliezen?
De angst voor werkloosheid wordt verminderd doordat voortdurende bijscholing een hoeksteen van het flexicurity-model is. Denemarken bereidt zijn beroepsbevolking tijdig voor op de onzekerheden van een snel veranderende economie. Deze inzet voor permanente competentieontwikkeling waarborgt de aanpasbaarheid en concurrentiekracht van Deense werknemers. Daarom beschikt Denemarken over een relatief veerkrachtige, dynamische en inclusieve arbeidsmarkt.

„Flexicurity is een in het bedrijf geïntegreerde strategie die flexibele arbeidscontracten, levenslang leren, actief arbeidsmarktbeleid en moderne sociale zekerheid combineert.“ Prof. Torben M. Andersen

Klinkt goed, maar betekent deze flexibiliteit niet ook meer onzekerheid?
Feit is dat baanwisselingen vaak voorkomen. Maar herplaatsing lukt doorgaans snel, omdat scholing en bemiddeling goed functioneren. Angst wordt daardoor kleiner, niet groter.

Een kwestie van cultuur: platte hiërarchieën en informele communicatie vergemakkelijken de betrokkenheid van medewerkers en stimuleren innovatie.

Hoe lang bestaat dit Deense evenwicht tussen vrijheid en zekerheid al?
Al sinds de overgang naar de 20e eeuw. Na hevige conflicten tussen werkgevers en vakbonden kwamen beide partijen destijds overeen om duidelijke rollen vast te leggen: het management leidt het bedrijf, de vakbonden onderhandelen over lonen en arbeidsvoorwaarden - op basis van vrijwillige afspraken. Dat vormt tot op de dag van vandaag het DNA van het systeem.

„Het ‘Septemberforliget’ (1899) geldt als het begin van het Deense arbeidsmarktmodel.“ Prof. Torben M. Andersen

Hoe ziet deze cultuur er in het dagelijkse bedrijfsleven uit?
Er zijn veel voorbeelden. Zo spreekt men elkaar met de voornaam aan. Als iemand plotseling met de achternaam wordt aangesproken, betekent dat: nu wordt het serieus. Deze nabijheid versnelt besluitvorming – problemen worden besproken voordat ze escaleren. Work-life balance is normaal, geen extraatje. Flexibele werktijden en begrip voor ouders, ook in leidinggevende functies, zijn vanzelfsprekend. Dat bevordert carrières van vrouwen en is normaal voor zowel kleine als grote bedrijven.

Waar liggen de grenzen van dit model?
Het werkt goed zolang de economie sterk is. In langdurige crisissituaties kan het onder druk komen te staan. In de jaren zeventig en tachtig kende Denemarken een diepe crisis. De werkloosheid was hoog en hing samen met politieke misstappen. Toen werd het model serieus ter discussie gesteld. Door hervormingen kon het echter worden gestabiliseerd.

Draagt deze bedrijfscultuur bij aan internationaal succes?
Ze helpt – maar is niet de enige factor. Doorslaggevend is ook dat Denemarken traditioneel exportgericht en internationaal sterk verweven is. Handelsbelemmeringen of protectionistische tendensen raken ons daarom hard – we compenseren dit door marktdiversificatie. Bedrijven betreden voortdurend nieuwe sectoren, markten en klantsegmenten, omdat ze dat kunnen en moeten. Zo bouwen ze veerkracht op.

Wat is voor u het bijzondere aan de Deense weg?
Vertrouwen – tussen werknemers, bedrijven, vakbonden en de staat. Zonder vertrouwen werkt ons systeem niet. Flexicurity is daarom niet alleen beleid, maar cultuur.

Over de persoon: Torben M. Andersen is hoogleraar aan het Instituut voor Economie en Bedrijfskunde van de Universiteit van Aarhus. Hij was onder meer werkzaam als beleidsadviseur in Denemarken, bij de OESO, de Europese Commissie en de Wereldbank. Tegenwoordig is hij onder andere actief voor de Economische Raad van Groenland en het Deense pensioenfonds ATP.